Hoge Raad staat beroep op overgangsregeling BPM toe

Belanghebbende mocht het voordeliger BPM-tarief van een ouder jaar toepassen
Voor de berekening van de BPM op een ingevoerde gebruikte auto moet ook rekening worden gehouden met het effect van de overgangsregeling voor tariefswijzigingen. Een arrest van de Hoge Raad begin mei 2020 daarover maakt een eind aan een al jarenlang slepende discussie.
8 mei 2020 Laatst gewijzigd: 22 mei 2020 Jurisprudentie mr. Jan Rolleman MFP

Eerder oordeelde de Hoge Raad op 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:561, al dat het op grond van de Europeesrechtelijke regels noodzakelijk is dat bij de Nederlandse registratie van de auto niet méér BPM wordt geheven dan het restbedrag aan BPM dat nog begrepen is in de waarde van gelijksoortige gebruikte auto’s die in Nederland op het tijdstip van de registratie al in de handel zijn.

In dit arrest van 1 mei 2020, ELCI:NL:HR:2020:821, ging het om een auto die op 27 februari 2013 in Duitsland voor het eerst was toegelaten op de weg. Voor de invoer van deze auto in Nederland is op 14 maart 2014 aangifte gedaan.

Degene die deze aangifte had ingediend, wilde hierbij het BPM-tarief van 2012 toepassen. Uitgangspunt in de BPM-wet is toepassing van het tarief van het jaar van aangifte (hier dus 2014). Omdat de tarieven de afgelopen jaren wisselden, en concurrentievervalsing tegengegaan moet worden, mag er ook gekozen worden uit een tarief van één van de jaren vanaf het jaar van eerste ingebruikneming (hier het jaar 2013).

Het jaar 2012 was daarmee bij deze auto dus nog niet mogelijk. Voor een goede vergelijking van de rest-BPM moet je echter kijken naar alle concurrerende auto’s. Dat zijn ook auto’s met dezelfde tenaamstellingsdatum in februari 2013 waarop met de overgangsregeling voor tariefswijzigingen nog in de eerste twee maanden van een jaar het tarief van het vorige jaar mocht worden toegepast.

De Hoge Raad oordeelt dan ook dat het tarief van 2012 ook toepasbaar is voor deze auto: “Zo is gewaarborgd dat belanghebbende ter zake van de registratie van de auto niet meer BPM betaalt dan het laagst mogelijke restbedrag aan BPM dat wordt geacht te zijn begrepen in de handelsinkoopwaarde van een gelijksoortig, in Nederland geregistreerd motorvoertuig”.

Met dit arrest kunnen alle hierover nog openstaande bezwaren worden afgewikkeld. Voor de toekomst is het bovendien naast de al bestaande mogelijkheden van artikel 10b Wet BPM een extra mogelijkheid voor verlaging van de BPM.

Heeft u vragen over wat de uitspraak van de Hoge Raad voor uw situatie betekent? Neem dan contact op.

Auteur

Rolleman_Jan_foto.MC1.jpg

mr. Jan Rolleman MFP

AMD automotive fiscalisten B.V.
IJsselmuiden
Specialisme(n): Autobelastingen (bijtelling, BPM, MRB, btw-aspecten auto)
Profiel
Neem contact op voor een gratis consult
Fiscaalconsult

Fiscaalconsult is het kenniscentrum en online adviesplatform voor financiële of juridische dienstverleners, als ook controllers van ondernemingen die op zoek zijn naar fiscale expertise.

Fiscaalconsult
Kanaalpark 157
2321 JW Leiden

Volg ons op

 
Fiscaal nieuws ontvangen?

Fiscaal nieuws ontvangen?

Ja, stuur mij de nieuwsbrief met fiscale updates en ontwikkelingen. Gegevensverwerking en verzending overeenkomstig de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). U ontvangt maximaal 1 nieuwsbrief per week.

Controleer nu uw mailbox

U ontvangt een bericht met instructies om uw e-mailadres te bevestigen.

Fiscaalconsult © 2019. Alle rechten voorbehouden. Privacybeleid en disclaimer

Ready for Online Business
1
0
1