Krijgen we BTW-herzieningsregels per 1 januari 2019 ook voor ‘kostbare diensten’?

Wetsvoorstel geeft extra administratieve last
Het voorstel van de Staatssecretaris m.b.t. de BTW-herzieningsregels voor ‘kostbare diensten’ kan grote impact hebben op de BTW-positie van belastingplichtigen en de verwerking van kostbare diensten in de administratieve systemen, aangezien thans de BTW-aftrek met betrekking tot diensten in de regel definitief is aan het einde van het jaar van ingebruikneming.
29 nov 2017 Laatst gewijzigd: 23 jan 2018 Kennis mr. Gert Jan Merks RB

Wat zijn kostbare diensten volgens voorstel Staatssecretaris?

Kostbare diensten zijn volgens de Staatssecretaris diensten die over een langere periode worden gebruikt en plegen te worden geactiveerd op de balans. Uit het voorstel van de Staatssecretaris wordt duidelijk dat het gaat om diensten waarop voor de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting wordt afgeschreven.

Concreet gaat het dan bijvoorbeeld om de volgende diensten: bepaalde merknamen, computersoftware, octrooien en bepaalde investeringen in vastgoed.

Voor diensten betrekking hebben op onroerende zaken wordt de herzieningstermijn tien jaar. Dit zal dus bijvoorbeeld gelden voor een verbouwing die niet heeft geleid tot de vervaardiging van een nieuwe onroerende zaak. Voor andere diensten dan diensten die betrekking hebben op een onroerende zaak is de herzieningstermijn vijf jaar.

Wat wordt met dit wetsvoorstel beoogd?

De aanleiding van het uitbreiden van de BTW-herzieningsregels voor investeringsgoederen naar kostbare diensten is tweeledig. Enerzijds is het streven om kostbare diensten voor de heffing van BTW gelijk te behandelen met investeringsgoederen, waarvoor al een BTW-herzieningsregeling geldt. Daarnaast wordt met de uitbreiding van de bestaande herzieningsregels beoogd om “fiscale planning” van kostbare diensten zoveel mogelijk te beperken, wat nadelig zou zijn voor de schatkist.

Dergelijke fiscale planning zou bijvoorbeeld kunnen bestaan uit het optimaliseren van de BTW-aftrek van de ingekochte kostbare diensten door deze alleen in het jaar van ingebruikname voor BTW-belaste doeleinden te gebruiken, en in de jaren daarna voor BTW-vrijgestelde doeleinden. De beoogde inwerkingtreding van het voorstel is niet eerder dan 1 januari 2019.

Impact voor de praktijk

Een van de meest in het oog springende gevolgen is namelijk dat ondernemers straks voor veel meer ingekochte prestaties zullen moeten gaan bijhouden waarop BTW is afgetrokken én of de oorspronkelijke BTW-aftrek in een later jaar afwijkt van het daadwerkelijke (belaste en/of vrijgestelde) gebruik van deze diensten. Dit betekent een administratieve lastenverhoging en aanpassing van systemen.

De herziening zelf kan overigens zowel in het voordeel als in het nadeel van de ondernemer uitpakken en daarmee ook financieel meerjarige consequenties hebben op investeringen van een ondernemer.

Herzieningstermijnen gaan mee over naar koper bij overgang algemeenheid van goederen

De herzieningstermijnen die van toepassing zijn op bovengenoemde diensten, zullen vanaf ingangsdatum van de wet worden ‘overgedragen’ aan de koper van de goederen en diensten in gevallen waarin sprake is van een ‘overgang van een algemeenheid van goederen en diensten (‘transfer of a going concern’), zoals de verkoop van een verhuurd pand of van een zelfstandig bedrijfsonderdeel. In dergelijke gevallen is het voor de koper dus van groot belang om inzicht te krijgen in alle nog lopende herzieningstermijnen, en de door de verkopende partij oorspronkelijk in aftrek gebrachte BTW.

Verzwaring due diligence onderzoek bij overname

Dat zal een extra verzwaring opleveren van het due diligence onderzoek bij dergelijke overnames en meer commerciële discussies. Daarnaast kan de vraag opkomen of er in voorkomende gevallen alleen voor deze ‘kostbare diensten’ geopteerd kan (gaan) worden voor een belaste levering waarvoor de koper dan wel zijn medewerking moet verlenen. Het is raadzaam dat partijen zich dit vooraf bewust zijn.

Wetsvoorstel voorziet niet in overgangsregeling

Uit het voorstel blijkt dat niet wordt voorzien in een overgangsregeling. Daarmee komt de vraag op of als de regeling per 1 januari 2019 in werking treedt, ook nog moet worden herzien op kostbare diensten die in de periode 2015 tot en met 2018 in gebruik zijn genomen. Wanneer het gaat om diensten die betrekking hebben op onroerende zaken, zou het dan zelfs gaan om diensten die in de periode 2010 tot en met 2018 in gebruik zijn genomen. Gelet op onder andere het rechtszekerheidsbeginsel vragen wij ons af of dit wel mogelijk is.

Wij bespreken graag de mogelijke impact van de voorgestelde regels vrijblijvend met u in een eerste gratis gesprek.

Auteur

Merks_Gert Jan_foto.jpg

mr. Gert Jan Merks RB

Fiscuraat B.V.
Vught
Specialisme(n): Bouw, projectontwikkeling, vastgoed, beleggen
Profiel
Neem contact op voor een gratis consult
Fiscaalconsult

Fiscaalconsult is het kenniscentrum en online adviesplatform voor financiële of juridische dienstverleners, als ook controllers van ondernemingen die op zoek zijn naar fiscale expertise.

Fiscaalconsult
Kanaalpark 157
2321 JW Leiden

Volg ons op

 
Fiscaal nieuws ontvangen?

Fiscaal nieuws ontvangen?

Ja, stuur mij de nieuwsbrief met fiscale updates en ontwikkelingen. Gegevensverwerking en verzending overeenkomstig de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). U ontvangt maximaal 1 nieuwsbrief per week.

Controleer nu uw mailbox

U ontvangt een bericht met instructies om uw e-mailadres te bevestigen.

Fiscaalconsult © 2019. Alle rechten voorbehouden. Privacybeleid en disclaimer

Ready for Online Business
1
0
1